| Name | Last Modified | Size | Description |
| Parent Directory | - | - | - |
| Get Adobe Acrobat Reader | - | - | You need Adobe Acrobat Reader to read and/or print .pdf files. It is a free download. |
| 2000 GW Sok over The Ex.pdf | 03.02.2004 | 87kB | - |
G.W.Sok (The Ex) praat
(met Freek Kallenberg & Siebe Thissen)
,,Ik heb er nooit over nagedacht hoe lang het kon duren. Het kon altijd de volgende dag afgelopen zijn, en dat geldt nog steeds. Als je twintig bent, denk je: ‘als ik veertig ben, doe ik dit al lang niet meer’. Nu ben ik veertig en heb ik niet het gevoel dat het van leeftijd afhankelijk is wat je doet. We kunnen nog tien jaar doorgaan, maar het kan ook over een half jaar afgelopen zijn. We hebben altijd de mogelijkheid open gehouden te stoppen. Als er geen inspiratie meer is, moet je ophouden’’, aldus Ex-zanger G.W.Sok ruim drie jaar geleden. Ondertussen blijkt The Ex nog steeds springlevend. November dit jaar vieren ze hun 25-jarig jubileum met een tweedaags festival in Paradiso in Amsterdam. Eind februari wordt de laatste hand gelegd aan een nieuwe CD die helaas pas in september zal verschijnen. Tot die tijd kun je oude herinneringen ophalen met de zojuist verschenen re-release op CD van Hands Up uit 1988 en Dead Fish uit 1990 en een single-compilatie later dit jaar.
The Ex ontstond ergens in het voorjaar van 1979. Ex-gitarist Terrie en Sok kenden elkaar van de middelbare school. Terrie studeerde inmiddels journalistiek in Utrecht en Sok volgde de sociale academie in Amsterdam. Als vanzelf kwamen ze daar in aanraking met punk, kraken en alles wat daarbij hoorde. Spelen in een band leek hen wel wat.
Sok: ,,Ik deed al iets met tekst, middelbare school poëzie enzo. Ik moest dus maar de teksten schrijven en zingen. Terrie had nog nooit een gitaar beroerd, maar hij was grote fan van het legendarische Vandergraaf Generator. Hun gitarist Peter Hammill had een Guild gitaar en die wilde Terrie dus ook. Omdat hij linkshandig is, moest die speciaal uit de VS komen. Op die gitaar speelt hij overigens nog steeds. Volledig naar de klote, maar wel met een heel specifiek geluid. Geurt zat bij mij op school en die wilde wel drummen. René, die bij Terrie op school zat, leek het wel leuk om basgitarist te zijn.’’
En toen was er een band, tenminste als idee. Gerepeteerd werd er nog niet en er was ook geen naam. Die kwam toevallig tot stand. Sok: ,,Van een grote lijst met namen werden er steeds meer doorgekruist. En een kruisje lijkt op een ‘x’ en dus werd het The Ex. Lekker kort en we vonden het wel prettig dat het niks betekende.’’
Terwijl er nog geen enkele repetitie was geweest begonnen Sok & Geurt
en Terrie & Rene in respectievelijk Amsterdam en Utrecht de naam op wc’s,
muren en straatmeubilair te kalken. Deze namedropping werkte.
Sok: ,,Op een donderdagavond in april ‘79 kwam er in Paradiso, waar in
die tijd iedere donderdag Nederlandse punk- en new wavebands speelden, een
jongen op hem af. Hij had ‘van de The Ex gehoord en vroeg of ze in augustus
wilden spelen op een punkfestival in Castricum. Tja, toen moesten we dus gaan
oefenen. We begonnen met een paar covers, dan weet je gelijk hoe dat klinkt
en hoe je zou moeten klinken. We speelden een Ramones nummer, I’m Upstart
van Angelic Upstarts en What have we got van Sham’69. Dat nummer stond
op een soort promosingeltje dat niet officieel was uitgebracht. We dachten: ‘die
kent niemand’. Maar covers spelen bleek nog best moeilijk. Geurt kwam
tot de ontdekking dat drummen iets met tellen te maken heeft. En ik was na
twee nummers zingen over de gitaarversterker van Terrie al mijn stem kwijt.
Gelukkig konden we op een gegeven moment voor weinig geld een zangversterkertje
op de kop tikken. Die was ooit van George Baker geweest, daar waren we best
wel trots op.’’
Repeteren deden we in de garage van Geurt’s ouders in Sassenheim en iets later in een bollenschuur. Omdat drie covers niet genoeg was, werden er ook nog wat eigen nummers gemaakt. ,,Als je de opnamen nu hoort, vraag je je af hoe we door durfden te gaan’’, zegt Sok. ,,We wilden heel heftig spelen, maar dat konden we helemaal niet. Het bleek ook dat een versterker op het podium weer heel anders klinkt dan in de oefenruimte dus het was flink zweten. Uiteindelijk maakte het geen fuck uit, het publiek was al zo opgewonden. Ik had nog een paar moppen ingestudeerd, maar dat bleek niet nodig.’’
Het optreden in Castricum was het eerste van een inmiddels imposante reeks.
Twintig jaar lang bijna vijftig keer per jaar, dus reken maar uit. Desondanks
maakt The Ex op het podium nog steeds een schuchtere indruk. Is het nog steeds
eng om op te treden?
Sok: ,,Het is wel minder eng, omdat je inmiddels wel weet wat je kan. Maar
omdat we altijd alleen de nieuwe set spelen, ben je nooit geheel vertrouwd
met de nummers. Je moet altijd op de toppen van je kunnen spelen. Je moet goed
opletten en daardoor speel je altijd een beetje verkrampt.’’
De keuze om alleen het laatste werk te spelen is bewust gemaakt.
Sok: ,,We spelen nummers zolang er ontwikkeling in zit, zolang ze groeien.
Dat is goed,
je moet ze nog net niet onder de knie hebben, dan blijft het spannend. Het
moet een beetje knarsen en wringen, dan doet het publiek dat ook. Als je nummers
te lang speelt en de rek er uit is, wordt het routineus. Als wij op routine
gaan spelen worden we hele slappe band.’’
Door deze aanpak is The Ex nog steeds een van de meest dynamische live-bands.
De karakteristieke stijl van de gitaristen Terrie en Andy, grimassen van bassist
luc en de priemende ogen van Sok blijven iedereen die The Ex live heeftgezien
lang bij.
Op onze opmerking dat The Ex eigenlijk een grote ritme-sectie is omdat zowel de drum en bas als de gitaren en Sok’ zang vooral ritmisch spelen, werpt hij tegen dat ze toch heus ook veel melodie hebben. ,,Kat drumt eigenlijk kleine melodietjes en sinds Andy erbij is als tweede gitarist, zijn ook de gitaarpartijen melodieuzer geworden.’’ Andy speelde voordat hij voorgoed tot The Ex toetrad bij de Engelse band Dog Faced Hermans. In 1988 kwam The Ex voor het eerst met hen in contact. Sok: ,,Dat was heel gek Je voelde meteen een soort verwantschap. Niet alleen wat betreft muziek, maar Andy stond precies hetzelfde op het podium als Terry. Alleen dan in spiegelbeeld omdat hij rechtshandig is. We hebben toen een aantal keren met hen getoerd. Toen hun zangeres Marian een jaar naar Polen ging en Dog Faced Hermans een jaar stil lag heeft Andy een jaar met ons meegespeeld. Toen de band in 1994 definitief stopte was het min of meer vanzelfsprekend dat hij erbij bleef. Maar eigenlijk zit hij er al vanaf 1990 bij.’’
Bassist Luc en drumster Kat hadden zich al veel eerder bij The Ex aangesloten. ,,Luc speelde sinds 1983 bij ons. Hij kwam helemaal niet uit een punkhoek, had nog nooit basgitaar gespeeld maar wilde er wel honderd procent voor gaan. Omdat we op dat moment met de band ook in dat stadium zaten was dat een belangrijk criterium. Kat kwam een jaar later bij ons drummen. Daarvoor had Sabine bij ons gedrumd en we wilde er graag weer een vrouw bij omdat de band dan niet zo'n mannending zou zijn. Het hoefde niet per se, maar gelukkig konden we uit drie vrouwen kiezen. Kat was net uit Stuttgart naar Amsterdam verhuisd en had nog nooit van ons gehoord. Dat was wel een goed teken.”
The Ex heeft naast een groot aantal singeltjes en bijdragen aan verzamelplaten inmiddels een stuk 0f twintig albums gemaakt, allemaal uitgebracht door het eigen Ex Records. Gemiddeld worden er zo'n vierduizend exemplaren van elke plaat verkocht.
Sok: ,,Dat vinden we best veel. Van de eerste plaat Disturbing domestic peace werden in de eerste week maar liefst duizend exemplaren verkocht. Wij dachten dat dat normaal was, wisten wij veel… Hij kwam in november 1980 uit, net voor de Sinterklaas. Dat bleek goed gepland. We hebben er vervolgens maar weer duizend van gemaakt, en na een jaar hadden we er 4500 van verkocht. Toen vonden we het wel genoeg en werd het tijd om een nieuwe plaat uit te brengen.’’
History is what happening verscheen in maart 1982 en stond evenals de eerste vol met onversneden punk.Volgens hun distributeur Boudisque moesten ze er gezien de verkoop van de eerste plaat tienduizend maken. Sok: ,,Dat konden we natuurlijk nooit van z'n leven betalen. We moesten al het geld immers van vrienden lenen. We hebben er toen drieduizend gemaakt en die werden snel verspreid. We besloten er nog tweeduizend te laten persen, maar daarna stopte het plotseling. We hebben jaren met tweeduizend History’s gezeten."
Volgens Sok kwam dat onder andere door dat plotseling alle punkbandjes platen gingen maken: “In het begin kocht je alles, maar dat was niet langer mogelijk.”
De platen van The Ex mochten niet meer dan een tientje kosten
en ook bij concerten werden lage entreeprijzen bedongen. Volgens Sok is dit
nog steeds een streven
van The Ex: “Het liefst doen we alles heel goedkoop, maar het moet geen
ideologie worden. Het is ook wel eens prettig om een keertje iets meer te vragen
zodat je iets extra’s kan doen. Waar ik me aan stoor is het idee dat
als iets ‘alternatief’ is het geen geld zou mogen kosten. Soms
zie je aan iets af dat er hele goede ideeën en bedoelingen achter zitten,
maar dat het eindresultaat toch niet echt geslaagd is omdat het zo nodig zo
goedkoop mogelijk moest worden gemaakt. Dan denk ik, trek toch iets meer geld
uit. Wij hebben die fout ook wel eens gemaakt.”
Dat de albums en optredens van The Ex relatief nog steeds goedkoop zijn, komt
doordat ze alles in eigen beheer doen. Ook de optredens worden door de band
zelf geregeld.Was het niet gemakkelijker geweest eens bij een platenmaatschappij
aan te kloppen?
Sok: “Vast wel, maar bij platenmaatschappijen lopen veelal mensen die je muziek kut vinden, maar het wel willen uitbrengen omdat ze er geld mee kunnen verdienen. Daar heb ik niks mee. Bovendien heb ik geen zin om met mensen in driedelig pak over m'n muziek te praten. Ik heb er niks op tegen als bands dat willen, maar ik wil het graag zelf doen. Dan gaat de distributie maar wat langzamer en verkopen we er misschien wat minder.”
Aan de The Ex verwante bands als Sonic Youth en Chumbawamba hebben deze stap wel gemaakt. Met deze laatste band nam The Ex ruim tien jaar geleden onder de naam Antidote nog de Destroy fascism-ep op en deed ze een tournee door Italië en Zwitserland. Inmiddels staat Chumbawamba onder contract bij EMI.
Sok: “Juist bij EMI ja. We hebben het er wel met ze over gehad. Ze hebben er ook heel lang over na moeten denken. Veel meer dan de The Ex is Chumbawamba altijd een popband geweest, ze maakten altijd al popliedjes. De essentie van popmuziek is ‘gehoord worden’, een groot publiek bereiken met in hun geval radicale politieke teksten. Het is wel de vraag of ze nu het publiek bereiken dat ze willen bereiken. Voor veel vijftienjarigen is het anarchistenteken hetzelfde als een Nike-logo, het zegt ze geen enkele fuck. Maar ik vind het wel interessant om te kijken hoe ver ze kunnen gaan. Ze hadden de mazzel meteen een hit te scoren. Dat nummer was al klaar voordat ze het contract bij EMI tekenden. Interessant is wat er nu gaat gebeuren.
EMI zal het waarschijnlijk een wordt wezen wat voor muziek ze maken, als het maar verkoopt. EMI verspreidt ook de cassettes van Heino voor de Republikäner-Partij met fascistische liederen als ‘Deutschland über alles’. De band Rage agianst the Machine kon bij Sony reclame maken voor de Peruaanse guerrilla-organisatie Lichtend Pad en The Anarchist Cook Book.
De eigenzinnige muziek van The Ex zal waarschijnlijk nooit de top-40 halen. Bij The Ex is de muziek ook zelf politiek. Op de hoes van Too many Cowboys (1987) schrijven ze “...music, not only a packing for our political ideas, but also noice. Noice, in itself already an attack on the current, adapted, insiped rock’n roll. Music as an explosion of ounds - contrived, çomposed’ and played by purselves, no concessions to anybody.”
Door haar eigenzinnige koers wordt The Ex door velen als een uitgesproken politieke band gezien. Volgens Sok valt dat eigenlijk wel mee: “In het begin werden we vaak in een adem genoemd met de Rondo’s uit Rotterdam. We traden ook regelmatig samen op en ze waren een geweldige stimulans en inspiratiebron voor ons. Maar zij hadden echt over dingen nagedacht. Het waren overtuigde maoïsten en hadden uitgesproken ideeën over zelfbeheer. Ze waren georganiseerd, hadden een prachtig pand, een eigenoefenruimte en ze brachten het punkblad Raket uit. Ze waren ook iets ouder. Wij hadden ons politiek bewustzijn niet uit boeken. Je had wel een gevoel van wat je goed of fout vond, maar van enig ideologisch bewustzijn was geen sprake. Je woont in Amsterdam, kijkt om je heen en komt met mensen in aanraking en gaat over dingen nadenken. Eind jaren ‘70 was de kraakbeweging enorm groot, je ontkwam er niet aan. Er waren regelmatig heftige acties en manifestaties waar bandjes speelden. Bandjes boden de mogelijkheid om via muziek uit te dragen. Niet dat je missionaris wilde worden, maar het is een goede manier om dingen die je niet bevallen aan de kaak te stellen.”
Een geslaagd voorbeeld hiervan is het album Dignity of Labour
uit 1983. De door de VPRO uitgezonden beelden van The Ex die haar onheilspellende
nummers
speelt in de ruïnes van de voormalige Van Gelder papierfabriek staan nog
steeds op ons netvlies gebrand. Deze in de Zaanstreek gevestigde fabriek was
in de jaren ‘70 zoals zoveel fabrieken over de kop gegaan en had haar
werknemers op straat gedumpt.
Sok:”Ik kwam uit Wormer en Terrie uit Westzaan en er waren nog wat mensen
zoals Ferry, die destijds speelde bij Svätsox en tegenwoordig in de Kift,
die daar in de buurt waren opgegroeid. We hadden ons oog laten vallen op de
leegstaande voormalige directeurswoning dat later als kantoor werd gebruikt.
Er werd besloten deze riante villa te kraken. Terwijl brommerrockertjes uit
Wormerveer ons regelmatig belegerden, kregen we hele positieve reacties van
wat oudere mannen die voor onze deur stonden te vissen. Die vonden het prachtig
dat we de villa gekraakt hadden. Een aantal had er vroeger gewerkt en vertelden
over de fabriek. Vervolgens ga je je er in verdiepen. Je praat met mensen,
leest wat oude kranten. Dan zie je een soort lijn; in die periode waren er
ook de Ford autofabrieken, de Gilda dropfabrieken en nog wat anderen gesloten.
Daar wilden we graag een plaat over maken.”
De bedoeling was om in de fabriek zelf op te nemen, maar dat mocht niet vanwege instortingsgevaar. Als compromis werden de in de studio op drie sporen gemaakte opnamen over gigantische luidsprekers in de fabrieken afgespeeld en vervolgens weer opgenomen op het vierde spoor. Dit gaf de nummers een mooi ruimtelijk effect.
Sok: “Voor ons was deze plaat een nieuwe stap omdat een aantal van de nummers geïmproviseerd was. Tot die tijd bedachten we eerst de nummers, speelde ze een tijdje, en vervolgens werden ze opgenomen. Nu moest het onmiddellijk gebeuren. De muziek moest een industriële sfeer uitstralen. Veel nummers hebben dan ook machinegeluiden op de achtergrond, een drukpers, een lopende motor en heipaal, Die heipaal heb ik nog bij de bouw van de Stopera opgenomen.”
Het album - geen LP, maar een viertal singeltjes zonder label zodat je nooit wist welk nummer je opzette – ging gepaard met een boekje vol informatie over Van Gelder. Een soortgelijk project is 1936 the Spanish Revolution uit 1986, het album of liever gezegd boek waar Sok het meest trots op is. Het bevat behalve twee singeltjes ruim honderd unieke foto's uit de Spaanse revolutie.
Sok: “Ook daar kwamen we toevallig mee in aanraking. Herman en John van Raket & Lont waren met een boek bezig over de Spaanse Burgeroorlog en wezen ons op het CNT?fotoarchief bij het ISSG. Dat bevat tienduizenden foto's. Sommige daarvan waren ooit gebruikt in kranten of andere publicaties, maar de meeste waren nog nooit gepubliceerd. Men had gewoon snel achter elkaar twintig foto’s genomen en één daarvan gebruikt. De andere negatieven waren nooit ontwikkeld en snel naar Engeland gesmokkeld toen het met de revolutie de verkeerde kant op ging. Vijftig jaar was daar niet meer naar gekeken, totdat ze op het ISSG belanden. Soms was het echt ontroerend. Op een foto staat een jochie heel heldhaftig met een geweer. Maar op datzelfde rolletje staat datzelfde jochie nog twaalf keer. Dat jochie wordt steeds meer gewoon en jochie. Dat geweer is zwaar en hij is ook pas 15, dus je ziet hem steeds meer inzakken en minder heldhaftig worden. Wij vonden het fantastisch en wilden er iets mee doen. Ik moet eerlijk toegeven dat ik geen fuck van die hele Spaanse revolutie afwist. Dus dan ga je als een gek lezen. George Orwell’s Afscheid van Catalonië en het fantastische Blood of Spain van Ronald Fraser. Een boek gebaseerd op gesprekken met mensen van alle kanten: anarchisten, communisten, fascisten - op basis van alles wat we lazen schreven we een verhaal.”
De laatste jaren worden de platen niet meer volgestopt met folders en posters voor acties en campagnes ("Ze passen ook moeilijk in cd-hoesjes” en ook de teksten zijn minder expliciet politiek. Volgens Sok heeft dat voor een groot deel te maken met het feit dat je niet telkens weer hetzelfde kunt zeggen: “Ik reageer nog steeds op de dingen die ik zie en wat betreft politiek en onrecht is er nog niet zoveel veranderd. Maar je kunt niet steeds weer dingen op dezelfde manier zeggen, je wilt niet steeds hetzelfde schrijven. Je zoekt dus naar een andere invalshoek, andere woorden, of je probeert er een verhaaltje van te maken. Je leert ook anders schrijven, leest boeken zonder politieke lading die je wel inspireren, daar wil je ook over schrijven. Ik vind het nog steeds leuk om af en toe hard ‘Fuck the System’ te roepen, maar ik wil het niet de hele tijd roepen en ik wil het ook niet de gehele tijd moeten roepen. Soms heb je het wel even gehad.”
Een andere reden is wellicht het kleiner worden van de kraak- en andere autonome bewegingen. The Ex was zoals ze het zelf omschrijven “a noisy part of an autonomous rnovement”. Er gebeurde van alles en The Ex vertaalde dat zoals vele anderen bands in een hoop geluid. Toen de activiteiten van de beweging afnamen moest de voeding ergens anders vandaan worden gehaald. Uit samenwerking met andere muzikanten bijvoorbeeld, dat bleek al snel zeer vruchtbaar. Vooral de twee met cellist Tom Cora gemaakte albums behoren tot het mooiste wat The Ex heeft gemaakt. Het openingsnummer State of shock van het in 1991 verschenen album Scrabbling at the block groeide zelfs uit tot een ware undergroundhit. Vanwaar deze toch niet voor de hand liggende samenwerking?
Sok: “Rond 89 gingen we met Joggers & Smoggers aan de slag, een geïmproviseerd album met mensen die ons inspireerden. We kenden Tom Cora een beetje van Skeleton Crew met Fred Frith en vonden hem zeer inspirerend. We hebben hem toen gevraagd voor Joggers & Smoggers maar helaas kon hij niet. Een jaar later was hij een week in Nederland en zijn we paar dagen de oefenruimte ingedoken. Dat klikte. Al snel hadden we een aantal nummers en deden we samen twee optredens. Ook dat verliep zeer positief en dus besloten we een plaat te maken.”
Na de samenwerking met Tom Cora volgden meer projecten met freejazz- en improvisatiemuzikanten als drummer Han Bennink, gitarist Derek Baily, saxofonist Ab Baars, zanger Han Buhrs, dadadichter jaap Blonk en het komisch duo Kamagurka & Herr Seele. Deze ‘nieuwe’ richting van The Ex was zowel logisch als toevallig.
Sok: “Het ging wel per ongeluk, maar het is ook niet puur toeval om het toeval. Je hebt een soort situatie gecreëerd waarin dat toeval een kans krijgt. Je oor staat er voor open; je bent ontvankelijk voor nieuwe geluiden. Luc en Terrie gingen al regelmatig naar het Bimhuis en waren enthousiast over mensen als Han Bennink. Als je die ziet drummen is dat ook hartstikke punk. Daar zit een hoop power in, een hoop energie en het is hartstikke vrij en onconventioneel. Je maakt dan eens een praatje met zo iemand en zoekt ze thuis op. In sommige gevallen blijken het dan hele toffe mensen te zijn. Vaak veel vrijer en anarchistischer dan veel zogenaamde punkers. Op een gegeven moment besluit je dan eens wat samen te proberen. Wanneer ze dan een keer met ons meespelen vinden ze het vaak hartstikke grappig en nieuw; dat geeft een vonk die overspringt."
Samenwerking met deze improvisatiemuzikanten was ook heel leerzaam. Ze kwamen er achter dat je melodielijnen in een nummer los kunt laten om ze later weer op te pikken. Sok: “In feite maakte we zo al onze nummers in de oefenruimte, maar dat durfden we op het podium nooit te doen. Maar als je dat eenmaal wel durft merk je dat je dat ook met mensen kunt die je minder goed kent. Dat maakte het mogelijk om met gastmuzikanten op te treden. Er moet wel een bereidheid zijn om te luisteren naar elkaar, maar als die er is, lukt het wel.”
Volgens sommige hardliners heeft The Ex in de loop der jaren haar DIY-achtergronden verraden. Onder andere door in 1991 de Nederlandse popprijs - een prijs die daarna nog aan onder meer Marco Borsato en 2 Unlimited is toegekend - in ontvangst te nemen. Hebben ze niet gespeeld met het idee deze prijs te weigeren?
Sok: “Eerst wilde we er niks van weten. In de eerste opzet waren er ook drie bands geselecteerd waaruit dan op de avond van de prijsuitreiking eentje zou worden gekozen. Dat vonden we helemaal niks. Muziek is geen wedstrijdje. We speelden toen ergens in Wales en werden gebeld of we wilden komen, dat wilden we dus niet. Toen we weer in Nederland waren werden we weer gebeld met de mededeling dat ze de procedure hadden veranderd, ze zouden van tevoren een band kiezen. Nou ja, best zeiden wij, doe maar. Een half uur later belde ze weer met de mededeling dat ze ons hadden gekozen. Toen hebben we maar niet meer gezeurd. We vonden het ook wel leuk omdat we de prijs kregen voor ons genre en niet alleen omdat we toevallig met Tom Cora een mooie plaat hadden gemaakt. Met de 10 duizend gulden die we ontvingen hebben we onze schulden afbetaald.”
Gedurende een groot deel van ‘96 en ‘97 stonden de activiteiten van The Ex even stil. Terrie reisde door Afrika, Kat kreeg een tweede kind, Luc speelde in het freejazzkwartet Roof, Andy maakte voor John Zorn’s Tzadik-label met Kletka Red een plaat vol tegendraadse klezmer en Sok toerde met de Kift en bracht zijn songteksten in druk uit onder de titel Ex-rated.
Inmiddels is de draad weer opgepakt. Eind 1998 verscheen Starters Alternators (zonder gast muzikanten dit keer) en in 1999 een mini-cd in het kader van het Konkurrent Fishtank-project waarop ze samenspeelden met de Amerikaanse postrockband Tortoise. Ook wordt er weer druk getoerd door Nederland, Europa en de VS. Onder meer in het voorprogramma van Sonic Youth en Fugazi. Met Ex-orkest verzorgden ze een aantal shows voor het Holland Festival.
Starters Alternators verscheen in de VS op het vermaarde label Touch & Go. Moet na Europa nu ook Amerika worden veroverd - Sok: “Nou, we gingen er in 1989 al voor het eerst heen. Er waren in een aantal steden als Boston, Washington DC, New Vork wel fans en ook clubs waar het gaaf was om te spelen. Maar omdat je er om financiële redenen gewoon niet te vaak heen kunt en de distributie in handen was van kleine labeltjes als Fishpuppet en Crosstalk werd dat nooit groter. We kregen wel altijd goede reacties en dachten: het moet toch mogelijk zijn iets meer dan duizend platen te verkopen. Dat geeft ook iets meer financiële armslag. Touch & Go kan wel met gemak zo’n 2000 platen afzetten. Voor hen peanuts, maar voor ons een hele boel.”
Starters Alternators werd geproduceerd door Steve Albini en klinkt helderder dan welke Ex-plaat dan ook. Hoewel Sok onder de indruk is van Albini's geluidskunsten wil hij hem hiervoor niet alle eer geven. “Ik denk dat we zelf ook hebben geleerd om niet alles vol te pompen, om meer ruimte in de muziek te laten. Hoewel Terrie dat beslist niet met me eens is, was het vroeger toch vaak wat ondoorzichtiger, dat is nu veel minder. Ook op het podium, dus wanneer Albini er niet bij is.”
Het volgende Ex-album wordt een soort folkalbum. “Niet van die Ierse en Schotse liedjes hoor, maar meer traditionele liedjes vanuit de hele wereld. We hebben al eerder een aantal wereldmuziekjes gespeeld, ‘Hidegen Funje’' op Scrabbling the Lock en ‘nem úgy van most’ dat op onze laatste plaat staat. Het spelen van deze nummers beviel ons goed. We zijn nu nummers aan het uitzoeken en vertalen. Je moet natuurlijk wel weten wat je zingt, want voor je het weet zing je de meest patriottische liederen. Maar in de praktijk blijkt dat wat we uitzoeken wel goed is. Je voelt dat blijkbaar toch wel aan.”
| siebe (dot) thissen (at) planet (dot) nl | - | - | - |