| Name | Last Modified | Size | Description |
| Parent Directory | - | - | - |
| Get Adobe Acrobat Reader | - | - | You need Adobe Acrobat Reader to read and/or print .pdf files. It is a free download. |
| 2003 De battle.pdf | 26.01.2004 | 43kB | - |
DE BATTLE
Enige tijd geleden publiceerde de aan de Partij Van De Arbeid
gelieerde Boekmanstichting in samenwerking met het Sociaal en Cultureel Planbureau
de bundel ‘Cultuur
tussen competentie en competitie’ (2000). De titel suggereert dat het
spanningsveld tussen competentie en competitie een bedreiging vormt voor onze
kunst en cultuur.
Een lange geschiedenis van popcultuur leert ons echter, dat artistieke en culturele
vooruitgang louter kan worden geboekt dankzij de integratie van competentie
en competitie. De spil waar omheen populaire culturen zich vormen, wordt gevormd
door de ‘battle’ – of in het Nederlands: het spel waarin
individuele en collectieve competentie wordt vergroot door onderlinge competitie.
In de ‘battle’ worden ‘skills’ of vaardigheden naar
steeds grotere hoogtes gestuwd. De ‘battle’ maakt duidelijk wie
ergens goed in is en wie het vereiste niveau ontbeert. Hiphop, rap, R&B,
turntablism, breakdance en graffiti danken hun ontwikkeling aan de ‘battle’.
De klassieke ‘battle’ deed omstreeks 1970 zijn intrede in Europa. In obscure zaaltjes en kroegen in Londen vechten Jamaicaanse soundsystems om de gunst van West-Indische migranten. Twee, drie of vier soundsystems, voorzien van DJ’s en MC’s, draaien reggae en dancehall-plaatjes tegen elkaar op en maken onderling uit wie eeuwige roem verwerft. Het publiek en de dansvloer treden als jury op en maken door middel van luidkeelse toejuiching of afkeuring duidelijk welke soundsystem competent is en welke niet. De ‘battle’ werd echter strijdig geacht met westerse noties van kunst, cultuur en openbare orde. Gedurende de jaren zeventig hakte de politie in Londen bijna ieder weekeinde lustig in op feestende migranten. Die terreur culmineerde in 1976 in een grote opstand tijdens het jaarlijkse multiculturele carnaval van Notting Hill.
Met de opmars van de multiculturele samenleving maakte ook de ‘battle’ een enorme ontwikkeling door. Ons straatbeeld, ons uitgaansleven, onze mode, radio en televisie; ze zijn ondenkbaar zonder de hiphop en graffiticultuur. Vorig jaar maakte de Rotterdamse hiphoppromotor Mike Redman een prachtige documentaire, ‘Walkmen’ (2002), waarin hij de geschiedenis van de Rotterdamse hiphop, graffiti en breakdance vastlegde. Deze rolprent laat haarscherp zien in welke mate de ‘battle’ tot het centrum van onze stedelijke cultuur is uitgegroeid. Maar de ‘battle’ is ook een kritiek op het westerse kunst en cultuurbeleid, waarin valse categorieën als zuiverheid, originaliteit en authenticiteit nog altijd als kwaliteitscriteria doorgaan. Een kleine nomenclatura van ingewijde kunstkenners bepaalt wie ‘in’ is en wie ‘uit’ is; wie staatskunst mag produceren en wie amateur moet blijven.
Ook in Rotterdam woedt er vandaag een ‘battle’ tussen een nieuwe generatie bestuurders, die kunst als entertainment wil zien, en een gevestigde culturele sector, die de exclusiviteit van haar kunstbeleid wil handhaven. De uitslag staat al bij voorbaat vast: 0-0. Want een ‘battle’ vereist competentie en juist die competentie ontbreekt bij beide partijen. Zolang de nieuwe culturele generaties, gevormd door de ‘battles’ van onze stedelijke cultuur, geen deel uitmaken van beleid en bestuur, zal het huidige kunst en cultuurbeleid steeds meer draagvlak verliezen. Tot die tijd modderen we voort, kijken we opnieuw en opnieuw naar Mike Redman’s film ‘Walkmen’ en dromen we van E-Life als cultuurwethouder.
| siebe (dot) thissen (at) planet (dot) nl | - | - | - |